Een paas speurtocht is een spel waarbij kinderen (of volwassenen) aanwijzingen volgen om verstopte paaseieren of andere paascadeautjes te vinden. Het is een van de leukste Paasactiviteiten die je kunt organiseren, zowel binnen als buiten. Met een paar slimme aanwijzingen en een beetje voorbereiding zet je in een uurtje een speurtocht neer die de hele dag bijblijft.
Hoe werkt een paas speurtocht?
De basisopzet is simpel: je verstopt aanwijzingen op verschillende plekken in huis, de tuin of een park. Elke aanwijzing leidt naar de volgende, tot de deelnemers de eindbestemming bereiken waar de echte paasschat verstopt ligt. Die schat kan een mand met chocolade-eieren zijn, een klein cadeautje of een zelfgemaakt paasdecoratie.
Je kunt de aanwijzingen op verschillende manieren maken. Denk aan korte rijmpjes (“Waar je ’s morgens je gezicht wast, vind je de volgende aanwijzing”), tekeningen voor kleine kinderen die nog niet kunnen lezen, of foto’s van een specifieke plek in huis. Voor oudere kinderen kun je raadsels of puzzels gebruiken die ze eerst moeten oplossen voordat de volgende aanwijzing duidelijk wordt.
Hoeveel aanwijzingen gebruik je?
Voor kinderen tussen de 3 en 6 jaar werkt een speurtocht met 5 tot 8 aanwijzingen goed. Te lang en ze haken af, te kort en het is voorbij voor het begonnen lijkt. Voor kinderen van 7 jaar en ouder kun je gerust 10 tot 15 stappen plannen, zeker als je de aanwijzingen puzzelachtig maakt. Bij een buitenspeurtocht in een park of bos kun je meer afstand tussen de plekken nemen en daardoor ook meer stappen inbouwen.
De beste locaties voor een paas speurtocht
In de tuin is een speurtocht het makkelijkst te organiseren. Je hebt genoeg verscholen hoekjes: onder een bloempot, in de schommel, bij de brievenbus of achter een struik. Regen spelbreker? In huis werkt het ook prima. Goede plekken zijn de koelkast, onder een kussen op de bank, in een schoen, in de badkamer of achter een boek in de boekenkast.
Een openbaar park biedt meer ruimte en avontuur, maar vraag dan wel of je eieren en papiertjes mag achterlaten. Ruim altijd alles op achteraf, ook als niet alles gevonden is.
Paas speurtocht voor verschillende leeftijden
De moeilijkheidsgraad bepaalt of de speurtocht echt leuk is of frustrerend. Voor peuters en kleuters gebruik je plaatjes of pijlen in plaats van geschreven aanwijzingen. Laat een volwassene mee lopen om te helpen. Voor kinderen in de basisschoolleeftijd zijn rijmpjes en korte raadsels ideaal. Tieners en volwassenen houden meer van echte puzzels: denk aan een versleutelde boodschap, een simpele cijfercode of een rebus.
Wil je meerdere teams tegelijk laten spelen? Maak dan twee aparte routes met dezelfde eindbestemming. Zo is er geen wachttijd en hoeven kinderen niet op elkaars antwoorden te wachten.
Praktische tips om het soepel te laten verlopen
- Schrijf alle aanwijzingen en hun locaties op een apart blaadje voor jezelf, zodat je niets vergeet.
- Bescherm papiertjes in de buitenlucht tegen regen door ze in een kleine plastic zakje te stoppen.
- Geef de aanwijzingen een nummer aan de achterkant, zodat je snel kunt controleren of er niks ontbreekt.
- Verstop de eieren of schatten pas op de dag zelf, zodat vogels, honden of andere kinderen ze niet eerder vinden.
- Maak de eerste aanwijzing iets makkelijker, zodat iedereen meteen in de stemming komt.
- Zorg voor een kleine troostprijs als back-up, voor het geval een aanwijzing niet gevonden wordt.
Wat verstop je als paasschat?
Chocolade-eieren zijn de klassieker, maar je hoeft het niet alleen bij snoep te houden. Klein speelgoed, stickers, een zelfgemaakt paasei van karton of een cadeaubon zijn ook leuke opties. Voor een bewuste keuze kun je de chocolade-eieren aanvullen met kleine niet-eetbare dingen, zodat kinderen die minder van snoep houden toch iets fijns krijgen.
Een paas speurtocht lukt het beste als je de route zelf een keer doorloopt voordat de kinderen beginnen. Zo zie je meteen of een aanwijzing verwarrend is of een locatie toch niet goed werkt. Met die kleine voorbereiding maak je er een activiteit van die iedereen wil herhalen.

